Deze pagina is bestemd voor dierenartsen of operatoren die inlichtingen willen over de geldende diergezondheidsvoorschriften. Als u een particulier bent en meer informatie wenst over de voorwaarden voor verplaatsingen met uw gezelschapsdier, gelieve dan de pagina “Op reis met uw dier (voor particulieren)” te raadplegen.
- Introductie
- Type verplaatsing: Commerciële verplaatsingen van dieren of niet-commerciële verplaatsingen (gelieve kennis te nemen van deze voorwaarden)
- Specifiek geval van Noorwegen
- Reizen binnen de Europese Unie
- Reizen buiten de Europese Unie
- Binnenbrengen en terugkeren naar de Europese Unie
- Vaststelling van een non-conformiteit
- Points of entry pets
- Overzichtstabel met voowaarden voor verplaatsingen van gezelschapsdieren naar België
- Nuttige links
1. Introductie
Er bestaan regels om met een gezelschapsdier buiten België te mogen reizen.
Voordat u een reis met uw gezelschapsdier plant, is het belangrijk dat u nagaat of het binnenbrengen en de doorreis van elke hond, kat of fret die u naar een ander land wenst mee te nemen, is toegestaan en of er bepaalde voorwaarden opgelegd worden door de bevoegde overheid van de landen van doorreis en van bestemming.
1.1. Type verplaatsing: commercieel of niet-commercieel
Verplaatsingen/handel van dieren, hier “commerciële” verplaatsingen genoemd: iedere verplaatsing van een hond, kat of fret wordt beschouwd als “commerciële verplaatsing” en moet voldoen aan strenge gezondheidseisen, tenzij het een niet-commerciële verplaatsing betreft die gepaard gaat met soepelere gezondheidseisen. Elke verplaatsing die niet voldoet aan de voorwaarden van een niet-commerciële verplaatsing wordt beschouwd als handel. Dan moet men zich baseren op de wetgeving voor “commerciële” verplaatsingen;
Niet-commerciële verplaatsing: elke verplaatsing van een gezelschapsdier dat zijn eigenaar vergezelt, die:
a) niet tot doel heeft om het betrokken gezelschapsdier te verkopen of om de eigendom ervan op een andere wijze over te dragen (bv. geen donatie, geen adoptie); en
b) onderdeel is van de verplaatsing van de eigenaar van het gezelschapsdier
- onder zijn directe verantwoordelijkheid, of
- onder de verantwoordelijkheid van een gemachtigd persoon in gevallen waarin het gezelschapsdier en de eigenaar van het gezelschapsdier fysiek van elkaar gescheiden zijn;
Adoptie, die gepaard gaat met een transport met het oog op de levering van de hond/kat/fret aan de adoptant, is een bijzonder geval van commerciële verplaatsing, omdat er sprake is van een eigendomsoverdracht.
Wanneer de niet-commerciële verplaatsing van een gezelschapsdier wordt uitgevoerd door een gemachtigde persoon, dan kan de niet-commerciële verplaatsing enkel plaatsvinden binnen de vijf dagen vóór of na de verplaatsing van de eigenaar van het gezelschapsdier; de gemachtigde persoon is dan ook in het bezit van een schriftelijke toestemming van de eigenaar om die verplaatsing in zijn naam uit te voeren. U vindt het in te vullen model in bijlage V Deel 1 van Uitvoeringsverordening (EU) 2026/705 (de geconsolideerde versie raadplegen). Dit moet bij het identificatiedocument (paspoort of certificaat) worden gevoegd.
Het maximaal aantal honden, katten en/of fretten dat de eigenaar of een gemachtigde persoon tijdens een enkele verplaatsing in het kader van niet-commerciële verplaatsingen mag begeleiden, mag niet groter zijn dan vijf dieren (in totaal) met één enkel vervoermiddel, tenzij het vervoermiddel een openbaar vervoermiddel is.
In het geval van niet-commercieel binnenbrengen vanuit een gebied of derde land, bevat het identificatiedocument bovendien een schriftelijke verklaring, ondertekend door de eigenaar of de gemachtigde persoon, waarin wordt bevestigd dat de verplaatsing van het gezelschapsdier naar de Unie een niet-commerciële verplaatsing betreft. Het model van deze verklaring staat in bijlage V deel 2 van uitvoeringsverordening (EU) 2026/705 (de geconsolideerde versie raadplegen)., Dit moet bij het identificatiedocument (certificaat) worden gevoegd.
Uitzondering op het maximale aantal van vijf dieren:
- De niet-commerciële verplaatsing in kwestie heeft als doel deel te nemen aan een wedstrijd, tentoonstelling of sportactiviteit, of aan trainingen voor een dergelijk evenement;
- De eigenaar van de gezelschapsdieren of de betrokken gemachtigde persoon legt het schriftelijke bewijs voor dat de gezelschapsdieren geregistreerd zijn:
- hetzij om een dergelijk evenement bij te wonen;
- hetzij bij een vereniging die dergelijke evenementen organiseert;
- De gezelschapsdieren zijn ouder dan zes maanden.
Eigenaar van een gezelschapsdier een natuurlijke persoon die in het identificatiedocument als eigenaar staat vermeld;
Opgelet: Indien een dier niet geïdentificeerd is en/of een dier niet over een geldig identificatiedocument beschikt en bijgevolg niet kan worden gelinkt aan zijn eigenaar, dan kan het binnenbrengen in België op basis van de wetgeving niet worden beschouwd als “niet-commercieel”. Dan moet men zich baseren op de wetgeving voor “commerciële” verplaatsingen;
Identificatiedocument: een document opgesteld overeenkomstig de modellen opgenomen in de Europese reglementering betreffende de verplaatsing van gezelschapsdieren of de handel in honden, katten en fretten en dat het mogelijk maakt het gezelschapsdier duidelijk te identificeren en te controleren of zijn gezondheidsstatus aan de reglementering voldoet. In functie van het type verplaatsing, varieert het type van vooraf vastgesteld model van identificatiedocument: het kan gaan om een paspoort of een gezondheidscertificaat. Om geldig te zijn moet dit document naar behoren zijn ingevuld door de eigenaar en door de gemachtigde dierenarts in overeenstemming met de in de relevante regelgeving vastgestelde instructies;
Gezelschapsdier: een gehouden dier van de hieronder vermelde soorten dat gehouden wordt voor niet-commerciële privédoeleinden:
- Honden (Canis lupus familiaris)
- Katten (Felis silvestris catus)
- Fretten (Mustela putorius furo)
De pagina “Reizen met gezelschapsdieren (voor professionals)” is gewijd aan de voorwaarden voor niet-commerciële verplaatsingen. Indien de reis niet voldoet aan alle op deze pagina opgesomde voorwaarden, moet worden voldaan aan de voorwaarden voor het commercieel verplaatsen van honden, katten of fretten. U kunt deze informatie vinden op de volgende pagina’s:
- Verplaatsingen tussen lidstaten van landdieren, aquacultuurdieren, broedeieren en levende producten ;
- Import;
- Export naar derde landen
1.2. Specifiek geval van Noorwegen
Noorwegen moet, in verband met de verplaatsingsvoorwaarden vanuit en naar dat land, als een lidstaat van de EU worden beschouwd. Dat betekent dat u moet kijken naar de voorwaarden voor reizen binnen de Europese Unie.
Wat betreft de behandeling tegen Echinococcus multilocularis, past Noorwegen, naar aanleiding van een nationaal besluit, dezelfde regels toe als bepaalde lidstaten.
2. Reizen binnen de Europese Unie
Elke hond, kat of fret moet aan alle volgende voorwaarden voldoen:
- Geïdentificeerd zijn door middel van een transponder (chip) of tatoeage. Een tatoeage kan nog worden erkend als geldige identificatie indien deze werd aangebracht vóór 03/07/2011 en duidelijk leesbaar is. De identificatie moet vóór of uiterlijk op het moment van de rabiësvaccinatie worden uitgevoerd door een erkende of officiële dierenarts of een persoon die daartoe bevoegd is overeenkomstig artikel 70 (b)(ii) van Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/2035 (de geconsolideerde versie raadplegen). Bepaalde landen aanvaarden enkel de microchip (Ierland en Malta). Vanaf 1 januari 2028 moet de transpondercode, beginnen met de landcode van het land waarin het dier is geïdentificeerd. Voor dieren die vóór deze datum zijn geïdentificeerd, blijft identificatie met een transponder zonder landcode geldig;
- Beschikken over een Europees paspoort (identificatiedocument), zoals gedefinieerd in bijlage 1 van uitvoeringsverordening (EU) 2026/705, opgesteld en afgegeven door een erkende of officiële dierenarts, overeenkomstig de bepalingen van artikel 71a van Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/2035. Het is noodzakelijk te controleren of het dier correct is geïdentificeerd alvorens het paspoort wordt afgegeven en de in bijlage V van deze Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/2035 vermelde gegevens in te vullen. Als het nodig is om aan te tonen dat aan de voorwaarden voor verplaatsing is voldaan, mag een gezelschapshond, een gezelschapskat of een gezelschapsfret van meer dan één paspoort vergezeld gaan.
Opgelet! De paspoortmodellen zijn bijgewerkt. De oude modellen in bijlage III van Verordening (EU) 577/2013, die naar behoren zijn afgegeven en ingevuld, zijn nog steeds geldig als ze vóór 1 januari 2028 zijn afgegeven (alleen voor niet-commerciële verplaatsingen) en ook de paspoorten die zijn afgegeven overeenkomstig het bij Beschikking 2003/803/EG vastgestelde modelpaspoort en werden afgegeven vóór 29 december 2014. - Over een geldige vaccinatie tegen rabiës beschikken:
- Een vaccin dat voldoet aan de vereisten van deel 1 van bijlage VII bij de Gedelegeerde Verordening (EU) 2020/688;
- Primovaccinatie:
- Minimumleeftijd om vaccin toe te dienen: 12 weken
- Ten vroegste geldig na 3 weken (*)
- Mag niet voorafgaan aan de identificatie
- Besluit: de hond, kat of fret moet ten minste 15 weken oud zijn om over een geldige vaccinatie te beschikken en dus de verplaatsing te kunnen maken (**)
- Herhalingsvaccinatie:
- Is onmiddellijk geldig als het vaccinatieprotocol nauwkeurig werd gevolgd (vóór het einde van de geldigheid van de vorige vaccinatie).
- Moet naar behoren zijn vermeld in het identificatiedocument (in dit geval het Europees paspoort);
Opgelet ! De geldigheidsduur van de vaccinatie tegen rabiës wordt bepaald door het land van oorsprong. Een vaccinatie die gedurende drie jaar geldig is in België, kan minder lang geldig zijn in een ander land, maar het is de geldigheidsduur in België die telt. Meer specifiek wordt de geldigheidsduur van een rabiësvaccinatie beschreven en bepaald door de technische specificaties van het vaccin in het land waar het is toegediend en/of zoals vermeld door de gemachtigde of officiële dierenarts in het identificatiedocument (paspoort of certificaat) van dat land (van oorsprong).
Behandeling tegen Echinococcus multilocularis: om een hond mee te nemen naar Finland, Malta, Noord-Ierland of Ierland, landen met de ziektevrije status die zijn opgenomen in de bijlage XIX bij Uitvoeringsverordening (EU) 2021/620 (de geconsolideerde versie raadplegen), moet het dier een extra behandeling tegen Echinococcus multilocularis hebben ondergaan die niet eerder dan 120 uur (5 dagen) en ten laatste 24 uur vóór de binnenkomst in een van deze landen werd toegediend door een dierenarts en die door die laatste in het paspoort moet worden vermeld overeenkomstig punt 1 van deel 2 van bijlage VII bij Gedelegeerde Verordening (EU) 2020/688. Een uitzondering is mogelijk als het land van bestemming dit toestaat. Meer informatie vindt u op de website van de Commissie.
Naar aanleiding van een nationaal besluit, is deze regel ook van toepassing voor verplaatsingen van honden naar Noorwegen.
(*) De wetgeving vermeldt dat het vaccin geldig is vanaf 21 dagen na vaccinatie en dat het protocol van de fabrikant moet gevolgd worden. Als de fabrikant stelt dat de vaccinatie geldig is vanaf 2 weken na vaccinatie, dient er toch 21 dagen gewacht te worden. Als de fabrikant stelt dat de vaccinatie geldig is vanaf 4 weken na vaccinatie, dient er effectief 4 weken gewacht te worden.
(**) Het binnenbrengen en de doorvoer van dieren jonger dan 15 weken wordt in principe niet toegelaten, tenzij de lidstaat dit wel toelaat. In België is dit niet toegelaten. Deze informatie is beschikbaar op de website van DG SANTE van de Europese Commissie: https://ec.europa.eu/food/animals/pet-movement/eu-legislation/young-animals_en.
3. Reizen buiten de Europese Unie
Het is aangewezen dat elke hond, kat of fret aan alle volgende voorwaarden voldoet:
- Geïdentificeerd zijn door middel van een transponder (chip) of tatoeage. Een tatoeage kan nog worden erkend als geldige identificatie indien deze werd aangebracht vóór 03/07/2011 en duidelijk leesbaar is. De identificatie moet vóór of uiterlijk op het moment van de rabiësvaccinatie worden uitgevoerd door een erkende of officiële dierenarts of een persoon die daartoe bevoegd is overeenkomstig artikel 70 (b)(ii) van Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/2035 (de geconsolideerde versie raadplegen). Bepaalde landen aanvaarden enkel de microchip (Ierland en Malta). Vanaf 1 januari 2028 moet de transpondercode, beginnen met de landcode van het land waarin het dier is geïdentificeerd. Voor dieren die vóór deze datum zijn geïdentificeerd, blijft identificatie met een transponder zonder landcode geldig;
- Beschikken over een Europees paspoort (identificatiedocument), zoals gedefinieerd in bijlage 1 van uitvoeringsverordening (EU) 2026/705, opgesteld en afgegeven door een erkende of officiële dierenarts, overeenkomstig de bepalingen van artikel 71a van Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/2035. Het is noodzakelijk te controleren of het dier correct is geïdentificeerd alvorens het paspoort wordt afgegeven en de in bijlage V van deze Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/2035 vermelde gegevens in te vullen. Als het nodig is om aan te tonen dat aan de voorwaarden voor verplaatsing is voldaan, mag een gezelschapshond, een gezelschapskat of een gezelschapsfret van meer dan één paspoort vergezeld gaan.
Opgelet! De paspoortmodellen zijn bijgewerkt, de oude modellen in bijlage III van Verordening (EU) 577/2013, die naar behoren zijn afgegeven en ingevuld, zijn nog steeds geldig als ze vóór 1 januari 2028 zijn afgegeven (alleen voor niet-commerciële verplaatsingen) en ook de paspoorten die zijn afgegeven overeenkomstig het bij Beschikking 2003/803/EG vastgestelde modelpaspoort en werden afgegeven vóór 29 december 2014. - Over een geldige vaccinatie tegen rabiës beschikken:
- Een vaccin dat voldoet aan de vereisten van deel 1 van bijlage VII bij de Gedelegeerde Verordening (EU) 2020/688;
- Primovaccinatie:
- Minimumleeftijd om het vaccin toe te dienen: 12 weken
- Ten vroegste geldig na 3 weken (*)
- Mag niet voorafgaan aan de identificatie
- Besluit: de hond, kat of fret moet ten minste 15 weken oud zijn om over een geldige vaccinatie te beschikken en dus de verplaatsing te kunnen maken (**)
- Herhalingsvaccinatie:
- Is onmiddellijk geldig als het vaccinatieprotocol nauwkeurig werd gevolgd (vóór het einde van de geldigheid van de vorige vaccinatie).
- Moet naar behoren zijn vermeld in het identificatiedocument (in dit geval het Europees paspoort);
Zelfs als het voor een beperkt aantal landen niet verplicht is over een geldige vaccinatie te beschikken, raden we u in ieder geval aan om uw hond, kat of fret te laten vaccineren tegen rabiës. Het is sowieso verplicht als u naar de Europese Unie wenst terug te komen.
Opgelet! Als huisdiereigenaars voorzien om tijdelijk, zelfs kortstondig, met hun huisdier in een derde land te verblijven om nadien terug te keren naar België, dan moeten ze de voorwaarden voor verplaatsingen vanuit een land buiten de Europese Unie naleven. Sommige landen zijn niet vrij van rabiës. Het is dus essentieel om deze voorwaarden goed na te leven. Voor landen waarvoor een titerbepaling (bloedafname) vereist is, worden de voorwaarden versoepeld als deze vóór het vertrek wordt uitgevoerd. Raadpleeg dus het volgende punt: Terugkeren naar de Europese Unie Raadpleeg ook de informatie over titraties voor doorvoer door een land waarvoor dit vereist is.
Het land van bestemming kan bijkomende voorwaarden opleggen waaraan de hond, kat of fret moet voldoen om toegelaten te worden. In het merendeel van de gevallen wordt een gezondheidscertificaat geëist door het land van bestemming om uw hond, kat of fret te kunnen invoeren. De te volgen procedure om de voorwaarden van het land van bestemming te kennen, is terug te vinden op de FAVV-website. In ieder geval blijft het de verantwoordelijkheid van de eigenaar om ervoor te zorgen dat de invoer van de hond, kat of fret aanvaard zal worden door het land van bestemming.
Samengevat:
- Soms zijn de voorwaarden gekend door het FAVV:
- In dit geval zullen zij op de FAVV-website vermeld worden: hier indien het over een onderhandeld landspecifiek certificaat gaat of hier indien het over een landspecifiek certificaat gaat dat beschikbaar is in de LCE’s. Het is echter steeds de verantwoordelijkheid van de eigenaar om de na te gaan welk type van certificaat het land van bestemming eist.
- Als de voorwaarden niet gekend zijn door het FAVV:
- De eigenaar dient zich te informeren of het land van bestemming een certificaat, een invoervergunning en/of bijkomende voorwaarden oplegt voor de invoer van honden, katten of fretten. De ambassades en de de gewestelijke exportbevorderende organismen kunnen u helpen om de bevoegde autoriteit van het land van bestemming te contacteren.
- Als het land van bestemming een gezondheidscertificaat oplegt maar zelf geen eigen model voorschrijft:
- In dit geval kunt u het algemene model van certificaat voor de uitvoer van honden/katten gebruiken. Dit is hier terug te vinden. De huisdiereigenaar is verantwoordelijk om dit model voor te stellen aan de bevoegde overheid van het land van bestemming. Dit model kan aanvaard worden door het land van bestemming met of zonder bijkomende voorwaarden.
- Als het land van bestemming eigen of bijkomende voorwaarden oplegt:
- In dit geval moet de eigenaar een officieel bewijs voorleggen dat deze voorwaarden door de overheid van het land van bestemming opgelegd werden, desgevallend samen met een beëdigde vertaling. De voorwaarden opgelegd door het land van bestemming moeten vooraf worden voorgelegd aan de LCE en niet op het ogenblik van certificeren. De LCE moet de certificeerbaarheid kunnen controleren en mogelijk intern bespreken. Enkele voorbeelden van bijkomende voorwaarden die mogelijk op het certificaat opgenomen moeten worden, zijn:
- de legalisering van het Europees paspoort door een officiële dierenarts verbonden aan het FAVV (de rubriek XI zal hiervoor ingevuld worden);
- een verblijf in België voorafgaand aan de uitvoer (u moet een verklaring van uw in België erkende dierenarts voorleggen die uw hond, kat of fret onder toezicht heeft gehad, om dat te bewijzen);
- een bijkomende behandeling (te vermelden in rubrieken VII, VIII en IX van het Europees paspoort door de in België erkende dierenarts die uw dier heeft behandeld);
- een klinisch onderzoek (te vermelden in rubriek X van het Europees paspoort door de in België erkende dierenarts die uw dier heeft onderzocht), enz.
- In dit geval moet de eigenaar een officieel bewijs voorleggen dat deze voorwaarden door de overheid van het land van bestemming opgelegd werden, desgevallend samen met een beëdigde vertaling. De voorwaarden opgelegd door het land van bestemming moeten vooraf worden voorgelegd aan de LCE en niet op het ogenblik van certificeren. De LCE moet de certificeerbaarheid kunnen controleren en mogelijk intern bespreken. Enkele voorbeelden van bijkomende voorwaarden die mogelijk op het certificaat opgenomen moeten worden, zijn:
4. Binnenbrengen en terugkeren naar de Europese Unie
4.1. Terugkeren naar de Europese Unie
Het gaat hier om een eigenaar die in de EU woont met een huisdier dat afkomstig is uit de Europese Unie. Het dier beschikt al over een Europees paspoort en voldeed vóór zijn vertrek aan de voorwaarden om te reizen naar dit derde land (punt III), maar eveneens aan die om terug te keren naar België vanuit dit land buiten de Europese Unie. Inwoner van België = hoofdverblijfplaats in België en het dier moet geregistreerd worden in de nationale databank. Als het punt van binnenkomst in de EU België is, maar de hoofdverblijfplaats een andere lidstaat is, moet u bij de binnenkomst in de Europese Unie die woonplaats kunnen bewijzen met een officieel document en moet het adres dat in voorkomend geval is opgegeven, overeenkomen met dat in het Europees paspoort van het huisdier.
Als dit niet het geval is, raadpleeg dan het volgende punt: “b. Binnenbrengen in de Europese Unie”.
- Het dier moet geïdentificeerd zijn door middel van een transponder (chip) of tatoeage. Een tatoeage kan nog worden erkend als geldige identificatie indien deze werd aangebracht vóór 03/07/2011 en duidelijk leesbaar is. De identificatie moet vóór of uiterlijk op het moment van de rabiësvaccinatie worden uitgevoerd.
- Door een erkende of officiële dierenarts of een persoon die daartoe bevoegd is overeenkomstig artikel 70 (b)(ii) van Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/2035 (de geconsolideerde versie raadplegen). Bepaalde landen aanvaarden enkel de microchip (Ierland en Malta). Vanaf 1 januari 2028 moet de transpondercode, overeenkomstig artikel 70(a) van Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/2035, beginnen met de landcode van het land waarin het dier is geïdentificeerd. Voor dieren die vóór deze datum zijn geïdentificeerd, blijft identificatie met een transponder zonder landcode geldig;
- Het dier moet beschikken over een Europees paspoort (identificatiedocument), zoals gedefinieerd in bijlage 1 Deel 1 van uitvoeringsverordening (EU) 2026/705, opgesteld en afgegeven door een erkende of officiële dierenarts, overeenkomstig de bepalingen van artikel 71a van Verordening (EU) 2019/2035. Het is noodzakelijk te controleren of het dier correct is geïdentificeerd alvorens het paspoort wordt afgegeven en de in bijlage V van deze Verordening (EU) 2019/2035 vermelde gegevens in te vullen. Als het nodig is om aan te tonen dat aan de voorwaarden voor verplaatsing is voldaan, mag een gezelschapshond, een gezelschapskat of een gezelschapsfret van meer dan één paspoort vergezeld gaan.
Opgelet! de paspoortmodellen zijn bijgewerkt, de oude modellen in bijlage III van Verordening (EU) 577/2013, die naar behoren zijn afgegeven en ingevuld, zijn nog steeds geldig als ze vóór 1 januari 2028 zijn afgegeven (alleen voor niet-commerciële verplaatsingen) en ook de paspoorten die zijn afgegeven overeenkomstig het bij Beschikking 2003/803/EG vastgestelde modelpaspoort en werden afgegeven vóór 29 december 2014.
- Over een geldige vaccinatie tegen rabiës beschikken:
- Een vaccin dat voldoet aan de vereisten van deel 1 van bijlage VII bij de Gedelegeerde Verordening (EU) 2020/688;
- Primovaccinatie:
- Minimumleeftijd om het vaccin toe te dienen: 12 weken
- Ten vroegste geldig na 3 weken (*)
- Mag niet voorafgaan aan de identificatie
- Besluit: de hond, kat of fret moet ten minste 15 weken oud zijn om over een geldige vaccinatie te beschikken en dus de verplaatsing te kunnen maken (**)
- Herhalingsvaccinatie:
- Is onmiddellijk geldig als het vaccinatieprotocol nauwkeurig werd gevolgd (vóór het einde van de geldigheid van de vorige vaccinatie)
- Moet naar behoren zijn vermeld in het identificatiedocument;
(*) De wetgeving vermeldt dat het vaccin geldig is vanaf 21 dagen na vaccinatie en dat het protocol van de fabrikant moet gevolgd worden. Als de fabrikant stelt dat de vaccinatie geldig is vanaf 2 weken na vaccinatie, dient er toch 21 dagen gewacht te worden. Als de fabrikant stelt dat de vaccinatie geldig is vanaf 4 weken na vaccinatie, dient er effectief 4 weken gewacht te worden.
(**) Het binnenbrengen en de doorvoer van dieren jonger dan 15 weken wordt in principe niet toegelaten, tenzij de lidstaat dit wel toelaat. In België is dit niet toegelaten. Deze informatie is beschikbaar op de website van DG SANTE van de Europese Commissie: https://ec.europa.eu/food/animals/pet-movement/eu-legislation/young-animals_en
- Toegang tot de Europese Unie
- Ongeacht het vervoermiddel, dient het binnenkomen in de Europese Unie verplicht te gebeuren via een “Punt van binnenkomst voor reizigers” (Travellers’ point of entry), tenzij het een land van oorsprong betreft uit bijlage I bij Uitvoeringsverordening (EU) 2026/636. De douane voert een controle uit;
- De eigenaar of de gemachtigde persoon moet zich met de hond, kat of fret aanbieden bij de douane. Deze informatie is, ook voor andere lidstaten, beschikbaar op de website van DG SANTE van de Europese Commissie: https://ec.europa.eu/food/animals/pet-movement/eu-legislation/non-commercial-non-eu/tpe_en
Eventueel:
- Bloedonderzoek:
- Voor de terugkeer uit een land dat is opgenomen in de lijsten van bijlagen I en II bij Uitvoeringsverordening (EU) 2026/636, is een bloedanalyse met titerbepaling van rabiësantistoffen dus niet vereist;
- Om een hond, kat of fret opnieuw te kunnen binnenbrengen in de EU vanuit een land dat niet is opgenomen in bijlagen I en II bij Uitvoeringsverordening (EU) 2026/636, moet er een bloedonderzoek gebeuren op antistoffen tegen rabiës, met gunstig resultaat:
- Deze titerbepaling moet onmiddellijk worden uitgevoerd op een bloedmonster dat ten minste dertig dagen na de datum van de primaire vaccinatie of binnen een actueel geldige vaccinatiereeks door een erkende of officiële dierenarts werd genomen;
- Het resultaat van de titerbepaling wordt als gunstig beschouwd vanaf 0,5 IE/ml. Een gunstig resultaat blijft geldig zolang het vaccinatieschema volgens de aanwijzingen van de fabrikant gevolgd wordt;
- De analyse moet worden uitgevoerd in:
- een officieel laboratorium of
- een laboratorium van een derde land dat is opgenomen in bijlage VIII bij Uitvoeringsverordening (EU) 2021/404 (de geconsolideerde versie raadplegen).
Elk laboratorium is door de bevoegde autoriteit van de lidstaat of het derde land aangewezen voor de uitvoering van de titratietest op antistoffen tegen rabiës en de bevoegde autoriteit heeft aan de Commissie de naam en contactgegevens meegedeeld. Voor meer informatie kunt u contact opnemen met: https://food.ec.europa.eu/animals/movements-dogs-cats-and-ferrets/designated-laboratories-performing-rabies-antibody-titration-tests_en;
Als de analyse wordt uitgevoerd door een laboratorium zonder geldige erkenning op het moment van de analyse, is de analyse niet geldig.
Doe dus het nodige opzoekingswerk!
- De titerbepaling is verplicht zelfs voor een kort verblijf in een derde land alvorens terug te keren naar de EU;
- Als de titerbepaling naar behoren wordt uitgevoerd voordat de EU wordt verlaten en deel VI van het Europees paspoort wordt ingevuld door een gemachtigde dierenarts, dan is de test onmiddellijk geldig en is er geen wachttijd voor verkeer (heen en terug);
- Als de titerbepaling wordt uitgevoerd in het derde land, moet de bloedafname ten minste 90 dagen vóór de verplaatsing uit dat derde land worden uitgevoerd;
- Vanaf 1 januari 2028 moet het rapport een code bevatten om de authenticiteit ervan te verifiëren op de website van het aangewezen laboratorium en moet het bij het gezondheidscertificaat worden gevoegd;
- De titerbepaling is niet verplicht voor gezelschapsdieren bij doorvoer door een gebied of derde land dat niet is opgenomen in de lijsten van bijlagen I en II bij Uitvoeringsverordening (EU) 2026/636, mits de eigenaar of de gemachtigde persoon een ondertekende verklaring voorlegt waarin is gesteld dat de gezelschapsdieren tijdens de doorvoer geen contact hebben gehad met dieren van voor rabiës gevoelige soorten en beveiligd zijn gebleven in een vervoermiddel of binnen de grenzen van een internationale luchthaven. Het model van deze verklaring staat in bijlage V deel 5 van Uitvoeringsverordening (EU) 2026/705 (de geconsolideerde versie raadplegen).
- Certificaat: Wanneer het dier bij terugkeer uit een derde land beschikt over een Europees paspoort, up-to-date ingevuld in de EU (tot terugkeer in België) wat betreft vaccinaties en titratie, wordt er geen gezondheidscertificaat gevraagd voor niet-commerciële verplaatsingen. Een Europees paspoort bevat informatie over de hond, kat of fret voor die de EU heeft verlaten. Elke interventie (vaccinatie, titerbepaling) in verband met rabiës, die in een derde land werd uitgevoerd, met uitzondering van de landen van bijlage I bij Uitvoeringsverordening (EU) 2026/636, moet worden genoteerd in een certificaat dat altijd het Europees paspoort moet vergezellen.
Maximaal 10 dagen vóór aankomst in België, moet een officiële dierenarts, of een erkende dierenarts die vervolgens wordt gevalideerd door de bevoegde autoriteit in het land van vertrek, een gezondheidscertificaat opstellen op basis van bewijsstukken volgens het model beschreven in bijlage III deel 5 van Uitvoeringsverordening (EU) 2026/705 (de geconsolideerde versie raadplegen). Indien ook een bloedonderzoek vereist is, moet het verslag van dit onderzoek samen met het gezondheidscertificaat voorgelegd worden.
Het certificaat voor niet-commercieel transport is 6 maanden geldig voor verdere verplaatsingen naar andere EU-lidstaten, vanaf de datum van de documenten- en overeenstemmingscontroles in het punt van binnenkomst voor reizigers of tot de datum van het verstrijken van de geldigheid van de rabiësvaccinatie, als deze datum eerder valt.
Opgelet! De gezondheidscertificaatmodellen zijn bijgewerkt. Gedurende een overgangsperiode die eindigt op 31 maart 2027, worden de oudere modellen, afgeleverd vóór 1 oktober 2026, geacht in overeenstemming te zijn met het modeldiergezondheidscertificaat in deel 1 van bijlage III bij Uitvoeringsverordening (EU) 2026/705, zoals bedoeld in artikel 6 deze verordening.
4.2. Binnenbrengen in de Europese Unie
- Het dier moet geïdentificeerd zijn door middel van een transponder (chip) of tatoeage. Een tatoeage kan nog worden erkend als geldige identificatie indien deze werd aangebracht vóór 03/07/2011 en duidelijk leesbaar is. De identificatie moet vóór of uiterlijk op het moment van de rabiësvaccinatie door een erkende of officiële dierenarts worden uitgevoerd.
- Identificatiedocument (paspoort of certificaat)
- Een paspoort wordt enkel voor de gebieden en derde landen die zijn opgenomen in de lijst van bijlage I bij Uitvoeringsverordening (EU) 2026/636 erkend als geldig identificatiedocument om te kunnen reizen binnen de EU. Dat paspoort moet de identificatiegegevens bevatten van het dier en zijn eigenaar (volledige gegevens + handtekening). Dit model moet conform zijn met dat in bijlage II van Uitvoeringsverordening (EU) 2026/705. Een in België en de andere EU-lidstaten erkende dierenarts kan iedere interventie die verband houdt met de reglementaire voorschriften (rabiësvaccinatie, titerbepaling, klinisch onderzoek, behandeling tegen Echinococcus multilocularis) inschrijven in het hierboven vermelde paspoort.
Opgelet! de paspoortmodellen zijn bijgewerkt, de oude modellen in bijlage III van Verordening (EU) 577/2013, die naar behoren zijn afgegeven en ingevuld, zijn nog steeds geldig als ze vóór 1 januari 2028 zijn afgegeven (alleen voor niet-commerciële verplaatsingen) evenals de paspoorten die zijn afgegeven overeenkomstig het bij Beschikking 2003/803/EG vastgestelde modelpaspoort, en werden afgegeven vóór 29 december 2014.
- Voor de gebieden en derde landen die niet zijn opgenomen in bijlage I bij Uitvoeringsverordening (EU) 2026/636, is er geen erkend paspoort. Een gezondheidscertificaat is verplicht en moet de identificatiegegevens van het dier en zijn eigenaar bevatten.
Maximaal 10 dagen vóór aankomst, moet een officiële dierenarts of een erkende dierenarts die vervolgens wordt gevalideerd door de bevoegde autoriteit in het land van vertrek een gezondheidscertificaat opstellen op basis van bewijsstukken volgens het model beschreven in bijlage III deel 5 van Uitvoeringsverordening (EU) 2026/705. Als ook een bloedonderzoek vereist is, moet het verslag van dit onderzoek samen met het gezondheidscertificaat voorgelegd worden.
Het certificaat voor niet-commerciële verplaatsing is 6 maanden geldig voor verdere verplaatsingen naar andere EU-lidstaten, vanaf de datum van de documenten- en overeenstemmingscontroles in het punt van binnenkomst voor reizigers of tot de datum van het verstrijken van de geldigheid van de rabiësvaccinatie, als deze datum eerder valt. Gedurende deze 6 maanden kan er in principe binnen de EU gereisd worden zonder Europees paspoort. Wanneer de geldigheid van het vaccin verloopt voor deze 6 maanden voorbij zijn, is het certificaat uiteraard ook niet meer geldig om binnen de EU te reizen.
Herinnering: een dier mag enkel reizen tijdens de geldigheidsperiode van de rabiësvaccinatie die staat vermeld in het paspoort en, desgevallend, in het certificaat. Om ononderbroken met hun huisdier te kunnen reizen, moeten de huisdiereigenaars herhalingsvaccinaties laten uitvoeren terwijl de geldigheidsperiode van de vorige vaccinatie nog loopt.
Opgelet! De gezondheidscertificaatmodellen zijn bijgewerkt. Gedurende een overgangsperiode die eindigt op 31 maart 2027, worden de oudere modellen, afgeleverd vóór 1 oktober 2026, geacht in overeenstemming te zijn met het modeldiergezondheidscertificaat in deel 1 van bijlage III bij Uitvoeringsverordening (EU) 2026/705, zoals bedoeld in artikel 6 deze verordening.
- Een paspoort wordt enkel voor de gebieden en derde landen die zijn opgenomen in de lijst van bijlage I bij Uitvoeringsverordening (EU) 2026/636 erkend als geldig identificatiedocument om te kunnen reizen binnen de EU. Dat paspoort moet de identificatiegegevens bevatten van het dier en zijn eigenaar (volledige gegevens + handtekening). Dit model moet conform zijn met dat in bijlage II van Uitvoeringsverordening (EU) 2026/705. Een in België en de andere EU-lidstaten erkende dierenarts kan iedere interventie die verband houdt met de reglementaire voorschriften (rabiësvaccinatie, titerbepaling, klinisch onderzoek, behandeling tegen Echinococcus multilocularis) inschrijven in het hierboven vermelde paspoort.
- Het dier moet over een geldige vaccinatie tegen rabiës beschikken:
- Een vaccin dat voldoet aan de vereisten van deel 1 van bijlage VII bij de Gedelegeerde Verordening (EU) 2020/688;
- Primovaccinatie:
- Minimumleeftijd om vaccin toe te dienen: 12 weken
- Ten vroegste geldig na 3 weken (*)
- Besluit: de hond, kat of fret moet ten minste 15 weken oud zijn om over een geldige vaccinatie te beschikken en dus de verplaatsing te kunnen maken (**)
- Herhalingsvaccinatie:
- Is onmiddellijk geldig als het vaccinatieprotocol nauwkeurig werd gevolgd (vóór het einde van de geldigheid van de vorige vaccinatie).
(*) De wetgeving vermeldt dat het vaccin geldig is vanaf 21 dagen na vaccinatie en dat het protocol van de fabrikant moet gevolgd worden. Als de fabrikant stelt dat de vaccinatie geldig is vanaf 2 weken na vaccinatie, dient er toch 21 dagen gewacht te worden. Als de fabrikant stelt dat de vaccinatie geldig is vanaf 4 weken na vaccinatie, dient er effectief 4 weken gewacht te worden.
(**) Het binnenbrengen en de doorvoer van dieren jonger dan 15 weken wordt in principe niet toegelaten, tenzij de lidstaat dit wel toelaat. In België is dit niet toegelaten. Deze informatie is beschikbaar op de website van DG SANTE van de Europese Commissie: https://ec.europa.eu/food/animals/pet-movement/eu-legislation/young-animals_en
- Toegang tot de Europese Unie
- Ongeacht het vervoermiddel dient het binnenkomen in de Europese Unie te gebeuren via een “Punt van binnenkomst voor reizigers ” (Travellers’ point of entry) (tenzij het een land van oorsprong betreft uit bijlage I bij Uitvoeringsverordening (EU) 2026/636). De douane voert een controle uit;
- De eigenaar of de gemachtigde persoon moet zich met de hond, kat of fret aanbieden bij de douane. Deze informatie is ook voor andere lidstaten beschikbaar op de website van DG SANTE van de Europese Commissie: https://ec.europa.eu/food/animals/pet-movement/eu-legislation/non-commercial-non-eu/tpe_en
Eventueel:
- Bloedonderzoek:
- Voor de terugkeer uit een land dat is opgenomen in de lijsten bijlagen I en II bij Uitvoeringsverordening (EU) 2026/636, is een bloedanalyse met titerbepaling van rabiësantistoffen dus niet vereist;
- Om een hond, kat of fret te kunnen binnenbrengen in de EU vanuit een land dat niet is opgenomen in bijlagen I en II bij Uitvoeringsverordening (EU) 2026/636, moet er een bloedonderzoek gebeuren op antistoffen tegen rabiës, met gunstig resultaat:
- Deze titerbepaling moet onmiddellijk worden uitgevoerd op een bloedmonster dat ten minste dertig dagen na de datum van de primaire vaccinatie of binnen een actueel geldige vaccinatiereeks door een erkende of officiële dierenarts werd genomen;
- Het resultaat van de titerbepaling wordt als gunstig beschouwd vanaf 0,5 IE/ml. Een gunstig resultaat blijft geldig zolang het vaccinatieschema volgens de aanwijzingen van de fabrikant gevolgd wordt;
- De analyse moet worden uitgevoerd in:
- een officieel laboratorium of
- een laboratorium van een derde land dat is opgenomen in bijlage VIII bij Uitvoeringsverordening (EU) 2021/404 (de geconsolideerde versie raadplegen):
- Elk laboratorium is door de bevoegde autoriteit van de lidstaat of het derde land aangewezen voor de uitvoering van de titratietest op antistoffen tegen rabiës en de bevoegde autoriteit heeft aan de Commissie de naam en contactgegevens heeft meegedeeld. Voor meer informatie kunt u contact opnemen met: https://food.ec.europa.eu/animals/movements-dogs-cats-and-ferrets/designated-laboratories-performing-rabies-antibody-titration-tests_en;
- Als de analyse wordt uitgevoerd door een laboratorium zonder geldige erkenning op het moment van de analyse, is de analyse niet geldig;
- Doe dus het nodige opzoekingswerk!
- Aangezien de titerbepaling wordt uitgevoerd in het derde land, moet de bloedafname ten minste 90 dagen vóór de verplaatsing uit het derde land worden uitgevoerd. Het gezelschapsdier zal pas naar België kunnen worden meegebracht wanneer het een leeftijd van 7 maanden bereikt heeft (de vaccinatie kan ten vroegste op 12 weken + pas 1 maand na de vaccinatie is het bloedonderzoek mogelijk + 90 dagen wachttijd na het bloedonderzoek);
- Vanaf 1 januari 2028 moet het rapport een code bevatten om de authenticiteit ervan te verifiëren op de website van het aangewezen laboratorium en moet het bij het gezondheidscertificaat worden gevoegd;
- De titerbepaling is niet verplicht voor gezelschapsdieren bij doorvoer door een gebied of derde land dat niet is opgenomen in de lijsten van bijlagen I en II bij Uitvoeringsverordening (EU) 2026/636, mits de eigenaar of de gemachtigde persoon een ondertekende verklaring voorlegt waarin is gesteld dat de gezelschapsdieren tijdens de doorvoer geen contact hebben gehad met dieren van voor rabiës gevoelige soorten en beveiligd zijn gebleven in een vervoermiddel of binnen de grenzen van een internationale luchthaven. Het model van deze verklaring staat in Bijlage V deel 5 van Uitvoeringsverordening (EU) 2026/705 (de geconsolideerde versie raadplegen);
- Verklaring die bevestigt dat het gaat om niet-commercieel verkeer:
Het gezondheidscertificaat wordt gevoegd bij een schriftelijke verklaring, ondertekend door de eigenaar of de gemachtigde persoon, waarin wordt bevestigd dat de verplaatsing van het gezelschapsdier naar de Unie een niet-commerciële verplaatsing betreft. Het model van deze verklaring staat in bijlage V deel 2 van Uitvoeringsverordening (EU) 2026/705.
4.3. Terugkeer naar België na weigering van toegang tot een derde land
Gezelschapsdieren die afkomstig zijn uit en terugkeren naar de Unie nadat de bevoegde autoriteit van een derde land of gebied de binnenkomst van de gezelschapsdieren, de eigenaar van de gezelschapsdieren of de gemachtigde persoon heeft geweigerd, mogen de Unie alleen opnieuw binnenkomen als aan de volgende voorschriften is voldaan:
a) de gezelschapsdieren keren naar de Unie terug via een punt van binnenkomst voor reizigers;
b) de gezelschapsdieren gaan vergezeld van de volgende documenten:
- het in artikel 11, lid 1, bedoelde paspoort of een ander geldig document, met inbegrip van het door de bevoegde autoriteit van de lidstaat van oorsprong afgegeven diergezondheidscertificaat waarvan de gezelschapsdieren vergezeld gingen voor het niet-commerciële verkeer naar het derde land of gebied;
- indien beschikbaar, het officiële document van de bevoegde autoriteit of een andere overheidsinstantie van het derde land of gebied waarin de redenen voor de weigering worden vermeld.
5. Vaststelling van een non-conformiteit
Als u vaststelt of vermoedt dat een dier niet voldoet aan de specifieke voorwaarden voor zijn verplaatsing, raadpleeg dan de Omzendbrief met betrekking tot de informatie gevraagd aan de erkende dierenartsen bij vaststelling van het illegaal binnenbrengen van honden, katten of fretten.
Uitzonderingen: In geval van een noodsituatie zoals een natuurramp of politieke instabiliteit die een onmiddellijke repatriëring noodzakelijk maakt, kan eventueel een afwijking op bovenstaande regels worden toegestaan. Hiervoor moet de eigenaar vooraf een aanvraag indienen via import@favv-afsca.be. Als een uitzondering wordt toegestaan, moet het dier in thuisisolatie of quarantaine worden gehouden tot het aan alle vereisten van de toelating voldoet. De eigenaar moet het bewijs voorleggen dat zo’n toelating werd toegekend.
6. Points of entry pets
U kunt de lijst van punten van binnenkomst voor reizigers vinden via deze link (België) en via deze link (Europese unie) raadplegen. Elk dier dat rechtstreeks in België aankomt vanuit een derde land dat niet is opgenomen in bijlage I bij Uitvoeringsverordening (EU) 2026/636, moet het grondgebied binnenkomen via een toegangspunt voor reizigers waar controles worden uitgevoerd.
7. Overzichtstabel van voorwaarden voor het verkeer van gezelschapsdieren naar België
8. Nuttige Links
- Pagina over Rabiës
- Omzendbrief met betrekking tot de informatie gevraagd aan de erkende dierenartsen bij vaststelling van het illegaal binnenbrengen van honden, katten of fretten;
- Europese wetgeving betreffende de verschillende soorten verplaatsingen van gezelschapsdieren: https://food.ec.europa.eu/animals/live-animal-movements/dogs-cats-and-ferrets_en?prefLang=fr
- Website van de FOD Volksgezondheid
- Punt van binnenkomst In de Europese Unie voor reizigers