Honingbijen en hommels
In aanvulling op de algemene regels uiteengezet in Verordening (EU) 2016/429, worden de verplaatsingen tussen lidstaten van honingbijen en hommels geregeld bij Gedelegeerde verordening (EU) 2020/688 (Raadpleeg altijd de laatste geconsolideerde versie).
De verordening definieert:
- Voorschriften voor de verplaatsing van honingbijen en hommels naar andere lidstaten;
- De regels die van toepassing zijn op de diergezondheidscertificering;
- De gegevens die op het diergezondheidscertificaat moeten worden vermeld;
- Indien van toepassing, de voorschriften betreffende het document met eigen verklaring;
- Indien van toepassing, de voorschriften betreffende kennisgeving.
Kennisgeving van bepaalde hommels
1. Doel
Beschrijving van de te volgen procedure wanneer een kennisgeving van verplaatsingen van hommels vereist is en hoe deze moet worden uitgevoerd. Dit document behandelt niet de specifieke vereisten voor verplaatsingen van hommels tussen lidstaten.
2. Toepassingsgebied
Deze instructie is van toepassing voor operatoren die hommels uit erkende inrichtingen, namelijk uit “van de omgeving geïsoleerde productie-inrichtingen voor hommels” verplaatsen tussen lidstaten.
3. Referenties (raadpleeg de geconsolideerde versies)
Verordening (EU) 2016/429 van het Europees Parlement en de Raad van 9 maart 2016 betreffende overdraagbare dierziekten en tot wijziging en intrekking van bepaalde handelingen op het gebied van diergezondheid (“diergezondheidswetgeving”)
Gedelegeerde Verordening (EU) 2020/688 van de Commissie van 17 december 2019 tot aanvulling van Verordening (EU) 2016/429 van het Europees Parlement en de Raad wat betreft de diergezondheidsvoorschriften voor verplaatsingen binnen de Unie van landdieren en broedeieren
4. Definities en afkortingen
Hommel: een dier van de soort die behoort tot het geslacht Bombus.
5. Kennisgevingen
5.1 Algemene principes
Als algemene regel geldt dat iedere verplaatsing van hommels tussen lidstaten vergezeld moet gaan van een diergezondheidscertificaat afgegeven door de bevoegde autoriteit van het land van oorsprong. De kennisgeving gebeurt automatisch wanneer de certificerende medewerker het diergezondheidscertificaat valideert in TRACES.
Voor verplaatsingen naar een andere lidstaat van hommels uit van de omgeving geïsoleerde productie-inrichtingen voor hommels, is een diergezondheidscertificaat niet vereist. De verplaatsing gaat vergezeld van een eigen verklaring. In dat geval moet de operator tezelfdertijd de LCE van de plaats van verzending/plaats van lading in kennis stellen van de verplaatsing om zo de bevoegde autoriteit van de lidstaat van oorsprong, m.a.w. het FAVV, op de hoogte te brengen, die op haar beurt de bevoegde autoriteit van de lidstaat van bestemming in kennis stelt.
5.2 Verplichtingen voor de operator
5.2.1 Erkende inrichting
Van de omgeving geïsoleerde inrichtingen waar hommels worden gehouden, moeten beschikken over een erkenning 11.10.
Om te worden erkend, moeten de verantwoordelijken van deze inrichtingen hun LCE contacteren die tijdens een betalend bezoek ter plaatse zal controleren of ze voldoen aan de voorwaarden opgenomen in checklist 3717 die kan worden geraadpleegd op Foodweb. Je kan ook informatie vinden in de activiteitenfiche van het FAVV : ACT 451- Productie-eenheid voor hommels, geïsoleerd van de buitenwereld.
Om deze erkenning te behouden, moet er een jaarlijks betalend bezoek met gunstig eindresultaat worden uitgevoerd. Een dierenarts van de LCE zal dit bezoek uitvoeren op verzoek van de verantwoordelijke van de inrichting.
5.2.2 Uitvoeren van de kennisgeving: algemeen principe
Bij iedere verplaatsing van hommelkolonies naar een andere lidstaat stellen de verantwoordelijken van dit type inrichtingen de bevoegde autoriteit van de lidstaat van oorsprong vooraf in kennis van ieder vertrek van deze hommelkolonies uit hun inrichting, bij voorkeur via de applicatie TRACES.
In deze kennisgeving verstrekken ze ten minste alle hieronder opgelijste informatie die het FAVV nodig heeft om de bevoegde autoriteit van de lidstaat van bestemming in kennis te stellen:
- de naam en het adres van de verzender en de ontvanger;
- de naam, het adres en het uniek erkenningsnummer van de inrichting van verzending;
- de naam en het adres van de inrichting van bestemming, en
- wanneer de inrichting van bestemming een erkende inrichting is, het unieke erkenningsnummer van die inrichting, of;
- indien de inrichting van bestemming een geregistreerde inrichting is, het unieke registratienummer van die inrichting;
- de soort, de categorie en het aantal kolonies en de omvang ervan;
- de datum van verzending.
Een bezoek ter plaatse door een dierenarts van het FAVV zal dus niet meer vereist zijn bij elke verplaatsing van kolonies van hommels vanuit deze inrichting naar een andere lidstaat.
5.2.3 Uitvoeren van de kennisgeving in TRACES
De operatoren worden sterk aangemoedigd om zelf de informatie in te geven in het eerste deel van het formulier in TRACES om een vlotte afhandeling van de aanvraag door de LCE te verzekeren. Dit vermindert de tijd die de medewerker van het FAVV nodig heeft om de bevoegde autoriteit van de lidstaat van bestemming in kennis te stellen. Je kan alle informatie over TRACES terugvinden op deze webpagina.
Een in te vullen en te ondertekenen formulier voor de kennisgeving is beschikbaar in TRACES. Ga naar het tabblad documenten > EU intra > + Nieuw EU Intra-certificaat om een model van kennisgeving op te zoeken. Je kan vervolgens een opzoeking doen a.d.h.v. een trefwoord (bijvoorbeeld: hommels, kennisgeving, ...) of door een CN-code in de zoekbalk in te geven of zelf een selectie te maken in de lijst:

Je kan vervolgens het eerste deel van het formulier invullen:


Belangrijke informatie over de regels in TRACES: er zijn “control rules” voor de kennisgevingen van verplaatsingen van hommels ingevoerd. De selectie van operatoren in de vakken I.11 (Plaats van verzending), I.12 (Plaats van bestemming) en I.13 (Plaats van lading) wordt beperkt tot de operatoren die over de juiste door hun autoriteit gevalideerde activiteiten beschikken. Je kan meer informatie vinden op de webpagina van de Europese Commissie in het bestand « Certificates for movement of certain categories of Terrestrial Animals and certain Germinal Products ». Als de plaats van bestemming (I.12) zich in een andere lidstaat bevindt, dient u te verifiëren dat deze over de juiste gevalideerde activiteit beschikt in TRACES. Indien dit niet het geval is, dient u de operator op de plaats van bestemming te contacteren zodat deze zich in orde stelt bij zijn bevoegde autoriteit. Als de operator die men in de geviseerde velden wil invullen niet de juiste gevalideerde activiteit heeft, zal het certificaat niet ingediend en afgeleverd kunnen worden.
Je kan alle informatie vinden op de Traces pagina.
Het is belangrijk dat de bevoegde lokale autoriteit (LCE) bevoegd voor de inrichting van vertrek per e-mail wordt gecontacteerd nadat de aanvraag voor kennisgeving werd ingediend in TRACES en dit ten minste 2 werkdagen voordat de zending plaatsvindt, opdat deze kan worden bevestigd. Het volgende moet worden vermeld in deze e-mail:
- de gegevens voor de facturatie van de kennisgeving:
- de volledige naam en het e-mailadres van de operator die de aanvraag indient;
- het ondernemingsnummer;
- de voorziene datum van verzending;
- het IMSOC-nummer van de kennisgeving (vak I.2 van het formulier in TRACES).
Na ontvangst van de volledige en correcte aanvraag van de operator, zal de LCE deze kennisgeving kunnen bevestigen in TRACES om deze te versturen naar de lidstaat van bestemming.
5.2.4 Uitvoeren van de kennisgeving zonder gebruik te maken van TRACES
Operatoren die het eerste deel van het formulier niet wensen in te vullen in TRACES worden verzocht om op de PC het PDF-formulier Kennisgeving bepaalde hommels (DE versie) in te vullen, elektronisch te ondertekenen en dit ten minste 2 werkdagen vóór de verzending van de dieren per e-mail te versturen naar de LCE bevoegd voor de plaats van lading.
Gelieve in de e-mail het volgende te vermelden:
- de gegevens voor de facturatie van de kennisgeving:
- de volledige naam en het e-mailadres van de operator die de aanvraag indient;
- het ondernemingsnummer;
- de voorziene datum van verzending.
Na ontvangst van de volledige en correcte aanvraag van de operator, zal de LCE deze kennisgeving kunnen bevestigen in TRACES om deze te versturen naar de lidstaat van bestemming.
Operatoren die activiteiten uitvoeren die onder de bevoegdheid van het FAVV vallen, moeten erop toezien dat deze activiteiten correct zijn ingevoerd in de operatorendatabank van het Agentschap.
6. Retributies
De kennisgeving is onderworpen aan retributie zoals opgenomen in het koninklijk besluit van 11/11/2005 betreffende de retributies bepaald bij artikel 5 van de wet van 09/12/2004 houdende de financiering van het FAVV. Meer informatie vindt u op deze pagina.